Aangepast zoeken
 

 

Onderwerpen schoolexamen schrijven atheneum 2003 - 2004

 

1. Cosmetische chirurgie

Mooi is in de mode. En er zijn tegenwoordig mogelijkheden genoeg om mooi te zijn: van haartransplantaties tot neuscorrecties. 
Waar liggen de grenzen? Zorg dat je een artikel kunt schrijven over de volgende vragen.

-  Wat zijn de mogelijkheden zoal? Wat kun je allemaal aan jezelf verbeteren?
-  Waar kun je wat laten doen?
-  Hoeveel mensen maken jaarlijks gebruik van de mogelijkheden? 
-  Is de situatie in Nederland hetzelfde als in andere landen?
-  Hoeveel kosten de diverse ingrepen?
-  Zijn er ingrepen waaraan risico's zijn verbonden? 
-  Over welke risico's hebben we het dan? 
-  In welke gevallen moet de klant zelf betalen, in welke gevallen betaalt 
   de verzekering?
-  Moet de verzekering meer of minder gaan vergoeden?
-  Wat vinden deskundigen (noem namen) van deze ontwikkeling: 
    is het zinvol of is het.overdreven dat de mens steeds maakbaarder wordt?
-  Wat zijn de belangrijkste bezwaren?

2. Pleegouders

Nederlandse kinderen die niet thuis kunnen blijven, worden soms in een pleeggezin ondergebracht. Aan deze oplossing blijken nogal wat haken 
en ogen te zitten. Kan de situatie verbeterd worden? 
Ga op zoek naar informatie over pleegkinderen en pleegouders, zodat je in een artikel de volgende vragen kunt beantwoorden. Het gaat alleen
om Nederlandse kinderen.

-  Wanneer komt een kind in aanmerking voor een pleeggezin?
-  Wie bepaalt of een kind uit huis geplaatst wordt?
-  Wie beslist waar een kind terecht komt?
-  Voor hoeveel kinderen wordt per jaar een pleeggezin gezocht? 
-  Vinden alle kinderen een geschikt gezin?
-  Aan welke eisen moet een pleeggezin voldoen?
-  Hoe worden pleegouders geselecteerd?
-  Wat voor toezicht is er op pleeggezinnen?
-  Hoe lang blijft een kind gemiddeld in een pleeggezin? 
-  Waarom gaan kinderen weg uit een gezin dat hen opgevangen heeft?  
-  Verdienen gezinnen geld met de opvang?
-  Blijven kinderen contact houden met hun eigen familie?
-  Wat voor zeggenschap hebben pleegouders en ouders over het kind?
-  Wat is het verschil tussen een adoptie- en een pleeggezin?
-  Kunnen kinderen in een pleeggezin geadopteerd worden?

           3. Normen en waarden  

De laatste jaren hoor je politici steeds vaker over normen en waarden praten. Grappig daarbij is dat dezelfde politici onophoudelijk over elkaar heen rollen 
en het in de praktijk niet zo nauw nemen met de regels.

     -  Over welke normen en waarden hebben we het? Wat kan de buitenlander die zich in ons land vestigt van ons leren?

    -  Wie moet respect opbrengen voor wie? Waaraan moet de buitenlander zich zo nodig aanpassen?

    -  In welke delen van de samenleving zijn normen en waarden hard nodig?

    -  Waar ontmoet jij zelf de noodzaak om waarden en normen opnieuw te bekijken?

    -  De maatschappij, dat ben jij! Op welke manier kun jij een bijdrage leveren aan de maatschappij?

    -  Wie is er verantwoordelijk voor een positieve verandering?

 

           4. De spelling van het Nederlands 

“Het is allenmaal helenmaal hopenloos,” zegt de een. “We moeten met onze fikken van de spelling afblijven, net als de Engelsen en de Fransen.” 
“We moeten de fouten uit de vorige verandering van 1996 verbeteren,” zegt de ander, “want de helft van de Nederlanders schrijft ‘groentesoep’ verkeerd.
Om van de werkwoordspelling van ‘deleten’ en ‘stressen’ nog maar te zwijgen."

      -      Hoe luiden de belangrijkste regels van Het Groene Boekje in bovenstaande gevallen?

      -      Wat zegt het tijdschrift ‘Onze Taal’ over de spellingregels van 1996?

      -      Wat moet de Nederlandse Taalunie doen volgens het Comité van Ministers?

      -      Hoe belangrijk is een juiste schrijfwijze in het taalverkeer?

      -      Mag je iemand op foutief Nederlands discrimineren?

      -      Wat heb jij gehad aan al die jaren spellingonderwijs?
-   
   Is onze schrijftaal aan het verloederen (denk aan sms- en emailtaal)?

 

  5.  Wetenschap is niet stoffig

Wetenschap is dat niet de wereld van stoffige boeken, naar zwavel stinkende laboratoria en verstrooide professors? Nee. Wie met open ogen in de wereld 
rondkijkt, wie nieuwsgierig is, stuit voortdurend op fascinerende vragen en 
antwoorden. Alledaagse wetenschap is dichterbij dan je denkt. 
Bezoek  http://www.nrc.nl/redactie/Scholieren/A4krant_wetenschap.pdf  en vind het antwoord op de volgende vragen.

      -   Geef een aantal voorbeelden van wetenschap in het dagelijks leven.

      -   Wat moeten we verstaan onder het AW- centrum van NRC- redacteur Karel Knip?

      -   Hoe kunnen zowel professionals als amateurs wetenschap bedrijven?

      -   Hoe werkt ‘dopplerklingel’, ‘bierbelvorming’ of een willekeurig ander 
     wetenschappelijk verschijnsel?

      -   Hoe concreet wordt in jouw dagelijkse schoolpraktijk, bijvoorbeeld bij de 
      exacte vakken, de link gelegd naar dagelijkse verschijnselen?
     

    

     6. Het huwelijk


In 2001 werden er in Nederland 204000 kinderen geboren. Hiervan zijn er ongeveer 56000 buiten het huwelijk geboren.Het percentage baby's zonder 
getrouwde ouders is de afgelopen tien jaar verdubbeld. Dat is toe te schrijven aan de sterke toename van het aantal mensen dat ongehuwd samenwoont.
Overigens trouwen ze heel vaak alsnog achteraf. Het aantal eenouder-gezinnen is overigens ook sterk toegenomen.


-  Wat voor samenlevingsvormen zijn er zoal?
-  Welke regels passen daarbij  vanuit de wet?
-  Wat zijn voor- en nadelen van de verschillende vormen?
-  Wat zijn de rechten van de kinderen?
-  Welke aanpassingen vragen de nieuwe samenlevingsvormen van de maatschappij?
-  Welke samenlevingsvorm lijkt jou ideaal? Waarom?
-  Hoe verwacht jij dat de samenleving er over vijftig of honderd jaar uitziet?

 

     7. Moet reclame voor kinderen verboden worden?

 

     De decembermaand is er ideaal voor, maar met hetzelfde gemak gaat het het hele jaar door: de zeurterreur van het kind. Ouders laten zich makkelijk
overhalen om voor hun kinderen snoep of speelgoed te kopen en de winkels spelen daar handig op in. Op de valreep staat er bij de kassa nog tal van l
ekkers, waar het kind in de rij bij de kassa volop tijd voor heeft om zich aan te vergapen.Ook de overdaad aan tv- en andere reclame wakkert de hebzucht
van het kind alleen maar aan. 
Bij Fox Kids, Kindernet en Cartoon Network worden kinderen platgebombardeerd met consumptieartikelen.
In Zweden bestaat een totaalverbod van reclame voor kinderen. Eenderde van de Nederlandse ouders is daar voor. Tegenstanders reageren daarop met "Vroeg of 
laat krijgen ze toch met commercie te maken. Dan kunnen ze er beter op jonge leeftijd mee leren omgaan."


-  Welke verschijningsvormen van reclame zijn speciaal gericht op kinderen?
-  In hoeverre is die reclame aan regels gebonden? Aan welke regels?
-  Om wat voor soort artikelen gaat het?
-  Hoe groot is de invloed van de commercie op het kind?
-  Wat zijn de argumenten voor een totaalverbod van reclame voor kinderen zoals in Zweden?
-  Wat zijn voor- en nadelige kanten aan de overvloedige consumptie?
-  Hoe kun je als ouder omgaan met een zeurend kind?
-  Hoe is je eigen rol tot nu toe met betrekking tot zeuren en consumeren?

 

 

      8. Lageropgeleiden nog steeds ongezond

 

      Lageropgeleide mensen leven in Nederland gemiddeld twaalf jaar korter in goede gezondheid dan mensen met veel opleiding.
Zo'n gezondheidsverschil ontstaat vooral door ander gedrag (roken, inactiviteit, vet eten etc.) en door  materiële omstandigheden 
(werkomstandigheden, geldgebrek). Dit zijn constateringen van de commissie Albeda in het rapport "Sociaal-economische gezondheidsverschillen
verkleinen".Iedereen heeft het recht om te roken, om dik te zijn, kortom om ongezond te leven, maar men moet daar wel in alle vrijheid voor kunnen kiezen.
Laagopgeleiden missen vaak de middelen om een juiste vrije keuze te maken.

 

      -  Hoe (on)gezond is Nederland?

      -  Hoe zit het precies met de gezondheidsverschillen tussen rijk en arm in Nederland?
-  Welke positie neemt Nederland internationaal in?
-  Welke aanbevelingen moeten er komen om de verschillen tussen arm en rijk te verkleinen?
-  Welke voorlichting is er te krijgen over de gezondheid?
-  Welke maatregelen kom jij in het dagelijks leven tegen die jou attenderen op jouw gezondheid?
-  In hoeverre ben jij in staat om invloed uit te oefenen op jouw gezondheid en die van je directe omgeving?
-  In hoeverre mag/moet de overheid mede zorg dragen voor de gezondheid van haar onderdanen?